De oude kapitein

Er zijn twee reders die beide een vloot van schepen hebben.

De eerste is een slechte reder. Hij zorgt slecht voor zijn personeel en scheldt hen regelmatig uit. Hij is niet zuiver in zijn handel en wandel en doet in duistere zaakjes waar hij vooral zelf beter van wordt. Hij is er niet vies van om iets van de lading achter te houden. Het welzijn van anderen deert hem helemaal niet.

De andere reder is een goede reder. Hij zorgt goed voor zijn medewerkers, bezittingen en milieu. Hij doet meer dan nodig is en geeft vaak wat extra’s. Hij heeft de missie om met zijn rederij de wereld een stuk mooier te maken en te redden van de ondergang. Hij geeft vooral veel weg en is begaan met de wereld en zijn bewoners. 

Soms koopt de goede reder een schip van de slechte reder. Deze heeft wel de afspraak gemaakt dat de oude kapitein altijd op het schip mag blijven wonen tot zijn dood. De afspraak is dat de kapitein in het vooronder blijft wonen, maar al zijn rechten verder kwijt is.

Een rijnaak bij het verhaal van de oude kapitein.
De oude en de nieuwe kapitein op het schip.

Op een dag zag de nieuwe kapitein het vooronder opengaan en de oude kapitein zijn hoofd om de hoek steken: “Ach,” dacht hij, “Ik snap wel dat de oude kapitein even een luchtje wil scheppen.”

De kapitein deed een paar stappen en liep een rondje op de gangboorden. “Ach,” dacht de nieuwe kapitein, “Ik snap we dat hij even zijn benen wil strekken.” Bij een van de rondjes over het dek begin het hard te regenen. De oude kapitein opende de deur van de stuurhut en vroeg of hij even binnen mocht schuilen voor de regen. “Natuurlijk,” zei de nieuwe kapitein en dacht, “Ik hou zelf ook niet van regen.”

De oude kapitein begint vragen te stellen en zich te bemoeien met de vaarroute. Ook vertelt hij allerlei negatieve dingen over de goede reder. De nieuwe kapitein vindt het vervelend maar zegt er niets van.

Steeds vaker komt de oude kapitein de stuurhut binnen en probeert de nieuwe kapitein werk uit handen te nemen. Hij spreekt ook steeds weer over ‘die goede oude tijd’ bij de slechte reder en de onredelijkheid  van de nieuwe reder.

De nieuwe kapitein wordt dit zat en klaagt bij zijn reder over het gedrag van de oude kapitein in de stuurhut.

De nieuwe reder antwoordt hierop het volgende: “Ik ben de nieuwe eigenaar van het schip en jij bent de nieuwe kapitein. Samen bepalen we de vaarroute en de vrachten. Er is maar een afspraak gemaakt met de oude kapitein en dat is dat hij in het vooronder mag blijven wonen. Het is aan jou om hem daar aan te herinneren op het moment dat hij naar buiten komt.” 

In Efeze 4:20 wordt gesproken over de nieuwe mens, die anders is dan de oude mens, Als we Jezus Christus hebben leren kennen zijn we een nieuwe schepping geworden. Het oude is voorbijgegaan en het nieuwe is gekomen 

De nieuwe kapitein is de nieuwe mens en de oude is nog wel aanwezig, maar heeft geen rechten meer om je leven te besturen. Als je hem niet naar het vooronder terugwijst zal hij proberen om het stuurwil in handen te krijgen. 

Hij zal proberen om het stuurwiel weer in handen te krijgen. Ondertussen zal hij je blijven beïnvloeden met zijn negatieve woorden die op leugens gebaseerd zijn. Het is aan jou om dit te voorkomen.

Efeze 4:22-24

Laat daarom uw vroegere manier van leven varen en leg de oude mens af die, geleid door bedrieglijke verlangens, de ondergang tegemoet gaat.

Vernieuw de geest die uw denken beheerst.

Doe de nieuwe mens aan die naar het beeld van God geschapen is in ware gerechtigheid en heiligheid.

Wie is jouw reder? Als jij de nieuwe kapitein bent, lukt het om de oude kapitein in het vooronder te houden?

Dit bericht is geplaatst in Artikelen met de tags , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.