Lid worden van de Kerk van Jezus PDF Print E-mail
Written by Kees Neven   

Wanneer behoor ik bij de Kerk?

 

Je vraagt je misschien af wanneer je nu bij de Kerk hoort. Deze vraag werd ook aan Petrus gesteld, op de eerste Pinksterdag.

Petrus antwoordde het volgende:

 

Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. (Handelingen 2:38)

 

We zien hier drie dingen;

  1. Bekering van het oude leven, het volledig afstoten van het oude leven en een nieuw leven beginnen.
  2. Doop door onderdompeling in water in de Naam van Jezus, als teken van vergeving van zonden.
  3. Doop in de Heilige Geest, zodat de gaven van de Heilige Geest ontvangen worden. Dit heb je nodig om het nieuwe leven te kunnen leven in gemeenschap met alle anderen.

Deze korte en krachtige uitleg van Petrus is de basis van lidmaatschap van de Universele* Kerk van Jezus Christus.

Als je tot bekering bent gekomen, Jezus toegelaten hebt in je leven en een nieuw leven bent gestart hoor je bij Jezus en ben je toegevoegd aan zijn Kerk.

 

Toegevoegd aan de Kerk ben je broer en zus van iedere gelovige.

Je hebt er dan in een keer heel veel broers en zussen erbij. Deze heb je niet uitgekozen.

Omdat Jezus het hoofd is van de Kerk, en iedereen in verbinding staat met het hoofd, kan niemand een ander uitsluiten die ook bij Jezus hoort. Dit is best lastig, vooral als de broer of zus je niet aanstaat, of aanstootgevend gedrag heeft waar hij je aan irriteert.

 

Verschil tussen Algemene (universele) Kerk en plaatselijke kerk

Iedere gelovige behoort bij de plaatselijke kerk en de Algemene Kerk.

  • De Algemene Kerk van Jezus Christus zijn alle gelovigen van alle tijden en alle plaatsen op de wereld. Hier behoren mensen toe die al lang zijn overleden, zoals de vrienden van Jezus, maar misschien ook je overleden opa en oma als zij in Jezus geloofde.
  • De plaatselijke Kerk  zijn alle gelovigen in een je woonplaats. Dit wordt ook wel een vergadering (samen voegen van) genoemd van alle gelovigen. 

Iedereen die bij de universele (of Algemene Kerk) van Jezus hoort, hoort ook bij de verzameling gelovigen van de plaats waar hij woont.

In de Bijbel was er per plaats maar een (1) gemeente of kerk.

Deze kerk kon veel afdelingen hebben, maar iedereen in de plaats, hoorde bij de plaatselijke kerk.

 

Ontrekken aan de plaatselijke of aan de Universele Kerk?

Niemand kan zich ontrekken aan het horen bij de Kerk van Jezus Christus of de vergadering van de plaatselijke gelovigen die de plaatselijke kerk vertegenwoordigd.

 

Dit komt omdat het “lidmaatschap’ via Jezus is. Er is maar een manier om geen lid meer te zijn van de Kerk, en dat is de relatie met Jezus opzeggen.

 

Individuele gelovigen tegenover gemeenschap der heiligen

 

Sommige mensen zijn zo teleurgesteld in andere mensen, dat ze zich niet willen verbinden met anderen. Zij zeggen aan de relatie met Jezus genoeg te hebben.

Relatie met Jezus is inderdaad de belangrijkste eerste stap, maar het is nooit zijn bedoeling geweest om dit los te zien van anderen gelovigen.

Jezus heeft nooit bedoeld gelovigen zich individueel opstellen t.o.v. anderen gelovigen.

Jezus wil dat we met elkaar gemeenschap der heiligen hebben. (zie artikel over gemeenteleven)

 

Jezus heeft ook nooit bedoeld dat er in een plaats meerdere kerken van verschillend soort zouden zijn. Hij heeft bedoeld dat er een (1) kerk zou zijn. Deze kerk kan wel meerdere afdelingen hebben.

Kerkmuren van verschillende denominaties (menselijk onderscheid) worden niet door Jezus erkend, ga ik vanuit.

Hij kijkt simpelweg wie er in Hem gelooft, wie gedoopt is en wie de Heilige Geest heeft ontvangen.

 

Een gelovige kan niet individueel functioneren op lange termijn. Hij is als een stuk hout wat uit een kampvuur wordt getrokken. Het brand nog even, gaat vervolgens smeulen en dooft.

Alleen als alle houtblokken bij elkaar blijven blijft het vuur een brandend vuur.

 

 

Vragen;

  1. Heb jij je afgekeerd van je oude leven en ben je een nieuw leven met Jezus begonnen?
  2. Ben je gedoopt in water?
  3. Ben je gedoopt in de Heilige Geest?
  4. Heb je contact met de andere broers en zussen in de plaatselijke kerk?
  5. Als je een van deze vragen ontkennend hebt beantwoord, wat neem jij je voor om daarmee te gaan doen?